Een verhaal over smaak en originaliteit!

In den beginne...

In 1865 begint Jules Bel in het Franse Orgelet (vlak bij de Zwitserse grens) als meesterkaasmaker van Comté kaas. Zijn kleine familiebedrijf doet het zo goed dat zijn twee zonen, Henri en Leon, het bedrijf in 1897 verhuizen naar Lons-le-Saunier. Vandaag de dag zit daar nog steeds het hoofdkantoor! Jules overlijdt in 1904 en zijn zoon Leon – de enige kaasmeester in het bedrijf – komt aan het hoofd van het bedrijf te staan. De nieuwe naam? Leon Bel gruyère en gros.

De vonk slaat over

Als de Eerste Wereldoorlog ook in Frankrijk uitbreekt, wordt Leon opgeroepen om te vechten. Uit familiesolidariteit vervangt Henri hem aan het roer van de kleine onderneming. In diezelfde periode vestigen de Zwitserse broers Graf zich in de buurt van de kaasfabriek Bel... en brengen een nieuwe techniek mee die zij in Zwitserland ontwikkelden: de productie van smeerkaas. Een nieuw product dat nog geen naam heeft, dat nog helemaal niet bestaat ... maar dat onmiddellijk op de belangstelling kan rekenen van Leon Bel, een geboren innovator.

De koe lacht!

Het product is eindelijk klaar! Leon Bel was er in die tijd al van overtuigd dat het belangrijk was op te vallen en kiest resoluut voor originaliteit bij het in de markt zetten van zijn nieuwe merk. Op 16 april 1921 wordt het gloednieuwe merk met zijn innovatieve naam gedeponeerd: La Vache qui rit is geboren. Om het product op te laten vallen stond op de ronde doos, destijds van aluminium, een rechtstaande koe in een weide, die er bijzonder vrolijk uitzag. De tekening was van de hand van Leon Bel zelf.

Waarom lacht de koe eigenlijk?

Goeie vraag! Hoe kun je nu uitleggen waarom en hoe een goed idee ontstaat? Meestal is dat het resultaat van de kruisbestuiving van heel wat ideeën en omstandigheden. Een tipje van de sluier dan? Vooruit! Leon Bel en Benjamin Rabier zaten tijdens de oorlog in dezelfde eenheid en het was Benjamin die de voertuigen van hun eenheid had versierd met een ... lachende koeienkop.

Koeienkop

Leon Bel is niet erg tevreden over zijn eigen tekening. Daarom vraagt hij aan Benjamin Rabier om een nieuwe koe te tekenen. Deze tekening staat nog steeds op de huidige verpakkingen en wordt al gebruikt sinds 1922. Leon Bel schrikt er ook nu niet van terug om het anders aan te pakken. Hij stapt af van het idee om een rechtstaande koe en dus ook haar uiers te tonen en laat alle aandacht uitgaan naar het vrolijke gezicht van de koe. Het blijkt meteen een voltreffer! Het publiek houdt van de vrolijke en innemende persoonlijkheid van de afbeelding en dus van het merk!

Stroomversnelling

In 1924 installeert Leon Bel zijn eerste smeltkuipen en zijn eerste machines om de porties te maken. De industriële en commerciële start van het merk kan beginnen. In 1926 Iaat hij een nieuwe, uiterst moderne fabriek bouwen in Lons-le-Saunier. In 1930 lanceert hij nieuwe producten. Ondertussen is La Vache qui rit ook buiten de landsgrenzen gaan kijken.

Nieuwe koppen

Bij ons ziet in 1951 Babybel het licht, gevolgd door Apéricube in 1960 (Apéricube gaat sinds 2012 als Mini Cubes door het leven). In 1976 verschijnt de Mini Babybel op de markt. In 1988 volgt La Vache qui rit Light in 1989 en Pik & Croq in 1995;Pic & Croq heet in Nederland Cheez Dippers. In Frankrijk doen daarnaast ook de volgende producten hun intrede: Mini Crème La Vache qui rit in kleine bekertjes in 1990, Saveurs La Vache qui rit met geitenkaas en hamsmaak in 1992, Toastimax in 2000, La Vache qui rit a Ia Crème Fraiche in 2004, Pik & Croq’ Maxi in 2006... Rond het einde van 2007 komt La Vache qui rit met smeerkaas waarmee La Vache qui rit dagelijks op je boterham gesmeerd kan worden. Met name de laatste jaren worden er veel verschillende nieuwe producten op de markt gebracht. De ene keer is het specifiek voor een bepaald land en de andere keer wordt het juist in meerdere landen geïntroduceerd.

La Vache als wereldreizigster

Vandaag de dag heeft La Vache qui rit de wereld veroverd. De nummer 1 smeerkaas in de wereld wordt in meer dan 90 landen en op vijf continenten gegeten: van de Verenigde Staten, Afrika en Engeland tot Japan en Australië. Elke dag worden wereldwijd meer dan 10 miljoen porties opgesmuld; dat betekent elke 20 seconden maar liefst 2500 porties. Als we dat zouden opstapelen, kom je tot een hoogte van 500 Eiffeltorens! Een riant succes voor de Kaasfabrieken Bel, wereldleider op de markt van merkkazen in porties.

Perfect meertalig!

In sommige landen is La Vache qui rit® vertaald, bijvoorbeeld: The laughing Cow® in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk, Vesela Krava® in de Tsjechische Republiek, Krowka Smieszka® in Polen, La Vaca que rie® in Spanje, A Vaca que ri® in Portugal, Con bo cuoi® in Vietnam, Vessiolaia Bounionka® in Rusland. In Nederland heet La Vache qui rit gewoon La Vache qui rit. Wij Nederlanders zijn immers internationaal.